HomeOver Zweedse botenHout, lak en olie

Hout, lak en olie

Door Piet de Jong

Houtsoorten Zweedse klassieke boten

De meeste Zweedse klassiekers zijn gemaakt van verschillende houtsoorten. Zo bestaan de meeste overnaads gebouwde houten rompen uit grenen of eiken en waarbij de kiel vaak gemaakt is van eiken. De meeste karveel gebouwde schepen zijn gemaakt van mahonie. Vroeger van ‘Honduras mahonie’, een fijndraadse houtsoort met dieprode kleur. De grove spanten en de kleine ribben worden meestal van eiken gemaakt. Dit voor de stevigheid van het schip en eiken is goed te bewerken. En veel schepen bestaan uit twee soorten hout: een grenen romp met mahonie bovenbouw of een eiken romp met mahonie bovenbouw. Vaak zijn de gangboorden en dekken gemaakt van ‘Oregon pine’ afkomstig van de Douglas-spar. Dit is zo’n beetje de hardste naaldhoutsoort die er is. En dan zijn er natuurlijk boten compleet van mahonie- of eikenhout.

De keuze voor welk hout werd gebruikt, lag voor een groot deel ook aan de klant, die zocht meestal uit wat hij zich kon veroorloven. Wel waren de vorm en de lengte van de romp een vast gegeven, alnaargelang de werf waar de boot gebouwd werd. Ook was het natuurlijk de vraag wat voor hout er op de werf aanwezig was. Er zijn periodes geweest dat niet alle houtsoorten voorhanden waren. In oorlogstijd was er bijvoorbeeld weinig eiken of mahonie. Veel schepen uit die tijd zijn dan ook gemaakt van grenen en waren vaak ook wat kleiner. De mensen hadden minder geld te besteden.

Waar je op moet letten met hout

Eigenlijk moet je bij elk schip, bij elke houtsoort, oppassen voor beschadiging. Een beschadiging van het hout betekent vaak, dat er water bij kaal hout kan komen. Dan zijn er nog het dek en de gangboorden. Wanneer daar druppels water op blijven staan, werken die met zonneschijn net als vergrootglazen. Dit is een ramp voor de mooie laklaag. Zo zie je vaak mooie schepen met een verweerd dek. Dus dek de boot af met een passend kleed of dekzeil. Daarom ook ieder jaar na het varen, de boot uit het water en inspecteren. Het maakt niet uit van welke houtsoort het schip is gemaakt, alle houtsoorten moeten worden beschermd tegen water en weersinvloeden.

Beschermen met lak of olie

Alle houtsoorten kun je lakken of oliën, daarbij zijn zachtere houtsoorten zoals grenen en mahonie makkelijker te oliën. Eiken is harder dus heeft meer tijd nodig om te doordrenken, dat wordt dus vaker gelakt. Teak wordt vaak niet behandeld, maar is zeker ook te oliën, zo vergrijst het minder snel.
Wanneer een schip wordt opgeknapt, is deze makkelijker met hetzelfde te behandelen, waar het al mee behandeld is. Dus: wanneer het gelakt is: beter ook weer lakken. Wanneer het in de olie zit: beter ook weer oliën. Want wanneer een geolied schip gelakt zou worden, bestaat de kans dat de laklaag loslaat, wegens slechte hechting op de ondergrond. Wanneer de boot gelakt is, zit er een klein beetje lak in het hout, hierdoor dringt de olie niet diep genoeg in het hout.
De meeste boten uit Zweden zijn aan de binnenkant behandeld met 50% lijnolie en 50% terpentine. Dit dringt diep in het hout, waarbij de terpentine vervliegt (verdampt). Hierdoor is het moeilijk om de binnenkant te schilderen. Oudere boten uit Zweden hebben soms een behandeling ondergaan, die vandaag de dag niet meer gebruikt mag worden, waarbij het hout in hete berkenolie werd gedompeld, om het impregneren. Daarom zijn schepen net na 1900 vaak zo goed geconserveerd.

Meer informatie

Hieronder vindt u meer informatie over lak en olie. Deze informatie is niet uitputtend en iedereen lakt of oliet ‘op zijn eigen manier’. Raadpleeg dus ook websites van de leveranciers voor extra verwerkingsinformatie, zoals droogtijd-luchtvochtigheidsschema’s of bijvoorbeeld de ANWB laklest.

Download de pdf De ANWB grote blanke laktest 2010 (3,3 MB)

Ervaringsadviezen en tips van leden

  • Oliën met Owatrol
  • Blank lakken, zo doe ik dat

WordPress website gemaakt door Boon Webdesign